Mohammad Reza Pahlavi

Mohammad Reza Pahlavi (Teheran, 26 oktober 1919 - Caïro, 27 juli 1980) was de laatste sjah van Iran. Hij regeerde als staatshoofd over het land van 1941 tot aan 1979. Mohammad Reza Pahlavi was de tweede sjah uit de Pahlavidynastie. Hij was de opvolger van zijn vader Reza Shah Pahlavi. Uiteindelijk werd Mohammad Reza Pahlavi afgezet tijdens de Iraanse Revolutie (1978-1979). Iran werd vervolgens een islamitische republiek onder ayatollah Ruhollah Khomeini.
De sjah stond bekend als zeer prowesters. Hij was een goede bondgenoot van het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Daarnaast wilde hij Iran moderniseren en hervormen. Tijdens de zogeheten Witte Revolutie voerde hij de leerplicht in, wilde gelijke rechten voor vrouwen en begon grondhervormingen. Een deel van die hervormingen mislukten echter. Ook kreeg hij ruzie met de geestelijken. Ondertussen trok de sjah steeds meer macht naar zich toe. In 1953 zette hij premier Mohammad Mossadeq af nadat de premier olie-industrie wilde nationaliseren. Politieke tegenstanders van de sjah werden tijdens deze periode ook opgepakt. Die conflicten zouden vervolgens een rol spelen tijdens de Iraanse Revolutie. De sjah werd afgezet en vluchtte naar het buitenland.
Mohammad Reza Pahlavi is vandaag de dag een omstreden figuur met zowel voor- als tegenstanders. Sommige mensen zien zijn regeerperiode als een periode van meer welvaart en vrijheid. Andere mensen zien die periode juist als een tijdperk van economische ongelijkheid en politieke onderdrukking. Zijn zoon, Reza Pahlavi, riep zichzelf na de dood van zijn vader uit tot de nieuwe sjah van Iran. Hij bemoeit zich nog geregeld met de Iraanse politiek.
Biografie
Jeugd en opleiding
Mohammad Reza Pahlavi werd geboren in Teheran in 1919. Hij was de oudste zoon van Reza Shah Pahlavi en zijn vrouw Tadj ol-Molouk. Mohammad had twee oudere zussen en daarnaast nog acht jongere zussen en broers. In 1925 werd zijn vader sjah (koning) van Iran. Mohammad kreeg toen de titel van kroonprins op zesjarige leeftijd.

De kroonprins had een moeilijke band met zijn vader. Zijn vader was namelijk erg afstandelijk tegen hem. Zijn vader was namelijk bang dat zijn zoon homoseksueel zou worden. Reza Shah Pahlavi geloofde dat zijn zoon homo zou worden als hij aardig tegen hem was. In die tijd was er een groot taboe op homoseksualiteit. Toch werd de band later een heel stuk beter. Mohammad Reza Pahlavi stond bekend als nerveus als kroonprins. Hij keek op tegen zijn vader en geloofde dat de geschiedenis werd bepaald door grote mannen. Daardoor besteedde Pahlavi veel tijd aan zijn imago. Hij droeg bijvoorbeeld verhoogde schoenen om langer te lijken. Hij had een goede band met zijn moeder.
Op elfjarige leeftijd werd de kroonprins naar een kostschool in Zwitserland gestuurd. Hij speelde daar voetbal en ontwikkelde een voorliefde voor het Frans. Naast Perzisch en Frans sprak hij ook Duits en Engels. In 1936 keerde hij terug in Iran. Vervolgens ging hij voor twee jaar het Iraanse leger in.
Anglo-Sovjet invasie
Reza Shah Pahlavi (zijn vader) was een groot aanhanger van Adolf Hitler. Hoewel de sjah zelf geen nationaalsocialist was, had hij grote bewondering voor Hitler. De Sovjet-Unie en het Verenigd Koninkrijk waren daar niet zo blij mee. Iran had namelijk grote hoeveelheden aardolie. Nazi-Duitsland was ondertussen bezig met een opmars naar belangrijke olievelden in de regio. De angst bestond dat Iran de kant van de nazi's zou kiezen. Daardoor zou Hitler nog meer aardolie hebben, terwijl de Sovjets en de voornamelijk de Britten er minder van zouden hebben.
In augustus 1941 besloten de sovjets en de Britten om gezamenlijk Iran binnen te vallen. De Britten blokkeerden de Perzische Golf, terwijl de Sovjets via het noorden binnenvielen. Het Iraanse leger was niet opgewassen tegen de aanval. De generaals gaven dan ook het advies om zichzelf over te geven. De sjah was echter woedend op de generaals. Hij had hard gewerkt om het leger op te bouwen. Een overgave zag hij als zwakte. Uiteindelijk besloot de sjah om af te treden op 16 september 1941. Hij wilde namelijk voorkomen dat de Britten een andere dynastie op de troon zetten.
Na de troonsafstand werd Mohammad Reza Pahlavi sjah van het land. De Britten en Amerikanen konden daarmee leven. Hoewel de sovjets een tegenstander van de monarchie waren, besloten zij Mohammad Reza Pahlavi door de vingers te zien. Via Iran werden namelijk veel goederen, wapens en andere spullen de Sovjet-Unie ingevoerd. Die spullen waren nodig om de oorlog te winnen. Deze route staat bekend als de Perzische Corridor. Zijn vader werd ondertussen verbannen naar Mauritius.
Eerste jaren van het koningschap

Na de Tweede Wereldoorlog vertrokken de Britten en Sovjets langzamerhand uit Iran. Toch waren er vele problemen in Iran. De Azerbeidzjanen en Koerden wilden zich afsplitsen van het land. Ook was er de opkomst van de Tudehpartij. Dat was een communistische partij die tegen de monarchie was. De Sovjet-Unie steunde deze partij en wilde van Iran een communistisch land maken. In deze periode werden er ook aanslagen op de sjah gepleegd. Op 4 februari 1949 woonde de sjah een ceremonie bij op de universiteit van Teheran. Tijdens die ceremonie werd de sjah geraakt in zijn gezicht met een kogel. De schutter was een lid van de Tudehpartij. Vervolgens werd de partij verboden, maar bleef ondergronds bestaan.
In 1952 ontstond er een conflict tussen sjah van Iran en de koning van Jordanië. De sjah had namelijk een hond als cadeau gegeven aan de Jordaanse koning. Het probleem is alleen dat honden in de islam als onrein gezien worden. De Jordaanse koning vatte het cadeau daarom op als belediging.
De sjah krijgt meer macht
Na de Tweede Oorlog was Iran min of meer een constitutionele monarchie. Hoewel sjah macht had, lag er ook veel macht bij het parlement en de regering. Dat veranderde in 1953. Twee jaar eerder was Mohammad Mosaddegh premier geworden. Mosaddegh wilde de Iraanse olie-industrie nationaliseren. De olievelden werden gerund door de Anglo-Persian Oil Company. Dat was een Brits bedrijf, waardoor de opbrengsten grotendeels naar de Britse bevolking gingen. Ondertussen was er veel armoede in Iran. Mosaddegh wilde met de nationalisering ervoor zorgen dat de olieopbrengsten naar de Iraanse overheid gingen. De overheid kon daardoor de armoede aanpakken en meer geld uitgeven aan onderwijs en gezondheidszorg. De Britten waren er echter totaal niet blij mee. Ook waren de Amerikanen bang dat dit de eerste stap was naar het communisme in Iran.
De Britten en Amerikanen besloten daarom een staatsgreep te plegen tegen Mosaddegh. Dat leidde uiteindelijk tot de afzetting van de premier. Mohammad Reza Pahlavi was afwezig tijdens deze periode. Toen hij terug kwam in Iran zorgde hij dat Fazlollah Zahedi premier werd. De sjah was bang dat hij zelf zou worden afgezet. Daarom besloot de sjah om meer macht naar zich toe te trekken. Zijn tegenstanders kregen te maken met onderdrukking en censuur.
Ondertussen wilde hij een persoonlijkheidscultus rond zichzelf creëren. Hij vergeleek zichzelf daarom vaak met Cyrus de Grote, de eerste heerser van Perzië. Volgens Mohammad Reza Pahlavi had God hem de taak gegeven om Iran te redden. Hij wilde van Iran een westers, rijk en modern land maken. De Amerikanen en Britten zagen hem als grote bondgenoot in de regio.
De Witte Revolutie

De Witte Revolutie is de naam van enkele hervormingen van die Mohammad Reza Pahlavi doorvoerde vanaf 1963. Onder die hervormingen vielen:
- De invoering van het vrouwenkiesrecht en het steunen van vrouwenemancipatie.
- Landhervormingen om arme en kleinere boeren te steunen.
- De modernisering van de landbouw en infrastructuur.
- Hervormingen in het onderwijs en gratis onderwijs tot 14 jaar.
- Uitbreiding van de gezondheidszorg.
- De nationalisering van bossen en natuurgebieden.
- De privatisering van enkele overheidsbedrijven.
- Het tegengaan van corruptie en inflatie.
Deze hervormingen lukten deels. Veel islamitische geleerden waren een groot tegenstander van de sjah. Zij zagen de vrouwenemancipatie als schadelijk voor de samenleving. Ook hadden zij vaak grote stukken grond in handen. Daarnaast werden ook rijke grootgrondbezitters tegenstander van de sjah. De landhervormingen mislukten overigens ook grotendeels. In plaats van arme en kleine boeren verdeelden grootgrondbezitters hun land onder hun familieleden. Daardoor veranderde er in feite weinig aan de situatie. Het platteland bleef achter, terwijl de steden steeds meer welvaart en rijkdom kregen. Mensen op het platteland voelden zich in de steek gelaten. Veel linkse en democratische groepen waren juist tegen de sjah omdat hij steeds autocratischer werd. Partijen werden verboden en uiteindelijk bleef er slechts één partij over: de partij van de sjah zelf.
Een van de grootste critici van de sjah was ayatollah Ruhollah Khomeini. In 1964 werd hij uit Iran verbannen. Khomeini woonde vervolgens jarenlang in Irak, maar bleef een fel criticus van de sjah. Via de radio wist hij Iraniërs te bereiken. In het land kreeg hij ook steeds meer aanhang.
De Iraanse Revolutie

De spanningen liepen uiteindelijk zo hoog op dat in 1978 de Iraanse Revolutie uitbrak. Alle tegenstanders van de sjah verzamelden zich achter ayatollah Khomeini. Naast islamitische geleerden waren dat ook socialisten, communisten, liberalen en democraten. Khomeini beloofde in die tijd dat Iran een democratische republiek zou worden. In het westen werd Khomeini in die tijd zelfs gezien als een vreedzame religieuze wijze die zich verzette tegen het brute regime. Op het beleid van sjah was ook in het buitenland kritiek. De Amerikaanse president Jimmy Carter was bijvoorbeeld tegen de onderdrukking en censuur van de sjah. Toen in Iran in 1978 protesten uitbraken, werden die hard neergeslagen.
De protesten werden steeds heviger en veranderden in stakingen. Uiteindelijk begreep de sjah dat hij aan het verliezen was. Hij wilde afspraken maken met Khomeini, maar tegen die tijd hadden ook de Amerikanen de kant van Khomeini gekozen. Hij nam zijn familie mee. Niet veel later kwam Khomeini aan Iran. Hij besloot vervolgens van het land een islamitische republiek te maken. Tegen die tijd was de sjah al het land ontvlucht.
Na de Iraanse Revolutie werd Iran een theocratie. De linkse, liberale en democratisch bondgenoten werden door Khomeini vervolgd.
In ballingschap
De sjah vluchtte eerst naar Egypte. Vervolgens ging hij naar Marokko en woonde ook een tijd op de Bahama's, in Mexico en in de Verenigde Staten. De sjah was al enkele jaren ziek. In 1974 was er leukemie bij hem ontdekt. Voor die ziekte was hij al voor de revolutie behandeld. Na de revolutie werd zijn gezondheid steeds zwakker. Tijdens een verblijf in Panama ontdekte hij dat de CIA hem wilde vermoorden. Hij trok vervolgens naar Marokko en tenslotte naar Egypte.
Op 27 juli 1980 overleed Mohammad Reza Pahlavi op 60-jarige leeftijd in Caïro. Vervolgens werd hij in Egypte begraven op een bodem van aarde uit Iran. De Egyptische president gaf hem destijds een staatsbegrafenis. Vandaag de dag ligt de sjah nog altijd begraven in de Al-Rifa'i-moskee in Caïro.
Familie en kinderen

Tijdens zijn leven is Mohammad Reza Pahlavi drie keer getrouwd geweest. Op 15 maart 1939 trouwde hij met prinses Fawzia van Egypte. Zij was de zus van de laatste koning van Egypte, Faroek. Fawzia en Pahlavi kregen samen één dochter: Shahnaz Pahlavi. Het koppel scheidde van elkaar op 17 november 1948.
Vervolgens trouwde Pahlavi op 12 maart 1952 met Soraya Esfandiary Bakhtiari. De twee waren verliefd op elkaar, maar moesten gedwongen scheiden. Soraya kon namelijk geen kinderen krijgen. Pahlavi had echter een mannelijke troonopvolger nodig. Hoewel hij een dochter had, konden vrouwen de troon niet erven. De wet aanpassen zou waarschijnlijk niet door de Iraanse bevolking en de islamitische geestelijken geaccepteerd worden. Pahlavi nodigde daarom op 6 april 1958 had hij en Soraya gescheiden waren. Op de televisie hield hij toen huilend een toespraak.
Op 21 december 1959 trouwde Pahlavi vervolgens met zijn derde vrouw: Farah Diba. Zij kreeg ook als eerste echtgenoot de titel sjahbanu. Daarvoor kregen de vrouwen van de Iraanse sjahs gewoon de titel koningin. Pahlavi en Diba kregen samen vier kinderen:
Nalatenschap

Mohammad Reza Pahlavi is tegenwoordig een omstreden figuur in de Iraanse geschiedenis. Dat betekent dat binnen Iran er verschillende meningen zijn over de sjah. Sommige mensen vinden dat hij een goed staatshoofd was, terwijl anderen juist vinden dat hij slecht in besturen was.
Enerzijds zijn er mensen die een groot voorstander van de sjah zijn. Veel Iraanse intellectuelen moesten na de Iraanse Revolutie het land ontvluchten. Onder hen zaten ook veel Iraanse voorstanders van de monarchie. Pahlavi heeft daarom nog steeds veel veel steun onder Iraanse diaspora. Tijdens protesten van Iraanse mensen in het buitenland is het niet vreemd de oude vlag van het land te zien. Op die vlag zijn er een gouden leeuw met opkomende zon afgebeeld. Ook nemen sommige demonstranten zelfs het staatsportret van Mohammad Reza Pahlavi mee. Voor hen was Iran een beter land toen het nog een monarchie was, omdat vrouwen toen meer rechten hadden en er meer welvaart was. Veel monarchisten willen dan ook dat Iran weer een monarchie wordt. Zij zien vaak zijn zoon, Reza Pahlavi, als de rechtmatige opvolger. De meeste van die aanhangers wonen vandaag de dag buiten Iran.
Anderzijds zijn er ook mensen die groot tegenstander van de sjah zijn. Zij zagen het beleid van de sjah als een van de oorzaken van de Iraanse Revolutie. Zij wijzen vooral op de economische ongelijkheid, de armoede op het platteland, de corruptie, censuur en onderdrukking. Tegenstanders van de sjah zijn echter niet meteen voorstanders van de Iraanse theocratie. Volgens hen doen de monarchisten vooral aan nostalgie. Zij beelden het verleden beter af dan het daadwerkelijk was. Zij vinden dat de sjah niet goed in staat was om te regeren en/of keuren bepaalde delen van zijn beleid af. Ook vonden zij dat de sjah zich te veel door de Britten en Amerikanen liet beïnvloeden.
Galerij
-
De sjah en zijn vrouw tijdens de kroning
-
De begrafenis van de sjah in Egypte
-
De sjah in 1975
-
De sjah in 1942
-
Zijn eerste vrouw, Fawzia van Egypte
-
Zijn twee vrouw, Soraya Esfandiary Bakhtiary
-
Zijn derde vrouw, Farah Pahlavi
-
Tijdens Iraanse protesten in het buitenland wordt vaak de oude vlag van Iran gebruikt. Het symbool wordt gebruikt door Iraanse monarchisten, maar soms ook door voorstanders van een democratische republiek.
-
Ook worden dan vaak posters getoond met afbeeldingen van de sjah en koninklijke familie.