schudden
- schud·den
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| schudden |
schudde |
geschud |
| zwak -d | volledig | |
schudden
- overgankelijk snel heen en weer bewegen om iets te mengen
- Je moet de spuitbus schudden voordat je hem kunt gebruiken.
- onovergankelijk een schuddende beweging maken
- Hij zat steeds te schudden.
- ▸ 'Aaaaah Het is zo heerlijk hier! Oeh! Za- lig! Mmmmm ' De borsten van Bibi drijven op het water, even later stijgen twee kadetvormige billetjes boven het oppervlak wanneer ze een koprol maakt die eindigt met een woest schudden van het hele lichaam.[3]
- ▸ Teresa had zin om haar door elkaar te schudden en te zeggen: 'Word wakker, waar ben je mee bezig?' Maar het was Teresa en niet Olive die last had van nachtmerries en slechte dagen.[4]
- onovergankelijk (van het hoofd) heen en weer bewegen van het hoofd als teken van instemming (van boven naar beneden) of ontkenning (van links naar rechts)
- overgankelijk, (kaartspel) de kaarten volledig door elkaar husselen ten behoeve van de spelregels (bijv. aan het begin van elke nieuwe ronde)
- Het kunnen schudden
Gezegd van iets dat is mislukt, dat niet (meer) haalbaar is, etc.
- Het woord schudden staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "schudden" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[5] |
- ↑ "schudden" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ schudden op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Marion Pauw e.a.“4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
- ↑ Jessie Burton vert. Marja Borg“De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024574704 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be