• ba·ta
enkelvoud meervoud
bata batas
vervoeging van
batir

bata

  1. aanvoegende wijs eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van batir
  2. aanvoegende wijs derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van batir
  3. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van batir

bata

  1. stok, tak