algebra
- al·ge·bra
- (wiskunde) deel van de wiskunde dat zich bezighoudt met de betrekkingen van door letters en tekens aangeduide grootheden
- Er zijn veel mensen die algebra niet snappen.
- ▸ Davis hielp mij met mijn huiswerk voor algebra en daarna speelde ik nog een paar uur Battlefront.[4]
1. deel van de wiskunde dat zich bezighoudt met de betrekkingen van door letters...
- Het woord algebra staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "algebra" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[5] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑ algebra op website: Etymologiebank.nl
- ↑ "algebra" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ “Schildpadden tot in het oneindige” (2017), Gottmer
, ISBN 9789025768652 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
- algebra in: Det Danske Sprog- og LitteraturselskabDen Dankse Ordbog
op website:ordnet.dk
- algebra in: Det Danske Sprog- og LitteraturselskabDen Dankse Ordbog
op website:ordnet.dk
algebra v
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| nominatief | algebra | algebry |
| genitief | algebry | algebr |
| datief | algebrze | algebrom |
| accusatief | algebrę | algebry |
| instrumentalis | algebrą | algebrami |
| locatief | algebrze | algebrach |
| vocatief | algebro | algebry |