Abstract
Het multiculturalisme wordt al jaren met enige regelmaat dood verklaard. Europese politici–met Sarkozy, Merkel en Cameron voorop–hebben het multiculturalisme definitief de rug toegekeerd. Het bezwaar luidt veelal dat het multiculturalisme te stug heeft vastgehouden aan vastomlijnde identiteiten van zowel inwoners uit Europese landen als immigranten. Ook uit academische hoek klinkt kritiek op het multiculturalisme. Normatieve noties van multiculturalisme zouden te veel nadruk leggen op identiteitspolitiek en culturele verschillen en zodoende sociaal-economische verschillen veronachtzamen. Multiculturalisme zou naar essentialisme neigen, gezien het uitgaat van een concept van cultuur dat te weinig oog heeft voor de contextuele constructie en formatie van cultuur. Hierdoor creëert het ongelijkheid tussen meerderheids-en minderheidsgroeperingen in een samenleving. Yolande Jansen stelt in 'Secularism, Assimilation and the Crisis of Multiculturalism' dat het echter te vroeg is om het multiculturalisme definitief af te wijzen: meer dan assimilatie of secularisme, heeft het politieke beleid van het multiculturalisme aandacht voor de werking van herinnering, de internalisatie van cultuur, de paradoxaliteit van privatisering en individualisering van verschil in de positie van etnische en religieuze minderheden.