• op·hef·fing

deopheffingv

  1. het opheffen, optillen (gezegd van het menselijk lichaam)
  2. (figuurlijk) de afschaffing van iets
    • De opheffing van de slavernij heeft in veel landen pas plaatsgevonden in de 19de eeuw.  
  3. (figuurlijk) de beëindiging van iets
    • Meer dan 100 jaar na de oprichting was er de opheffing van de vroeger zo grote politieke partij. 
100 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[1]
  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be