oosten
- oos·ten
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | oosten | |
| verkleinwoord |
het oosten o
- (windstreek) een van de windstreken, die op landkaarten overeenkomt met de rechterkant
- (aardrijkskunde) gebiedsdeel of regio gelegen ten oosten van Nederland, o.m. Oost-Europa, Midden-Oosten, Azië, e.d.
1. een van de windstreken, die op landkaarten overeenkomt met de rechterkant
|
- Het woord oosten staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "oosten" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[4] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ oosten op website: Etymologiebank.nl
- ↑ Roel Coutinho“Epidemieën en pandemieën” (2020), Athenaeum - Polak & Van Gennep
, ISBN 9789025310592 - ↑ Samantha Harvey“In Orbit” (2024), De Bezige Bij
, ISBN 9789403135625 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
oosten
- (windstreek) oosten; een van de windstreken, die op landkaarten overeenkomt met de rechterkant
oosten
- (windstreek) oosten; een van de windstreken, die op landkaarten overeenkomt met de rechterkant
oosten
- (windstreek) oosten; een van de windstreken, die op landkaarten overeenkomt met de rechterkant