snuit
Thesaurus
snuit:
tronieOpenThesaurus. Distributed under GNU General Public License.
Vertalingen
snuit
Rüsselproboscis, trunk, snoutmuseau, trompe, bec, frimousse, poirehocico (snœyt)zelfstandig naamwoord mannelijk meervoud -en
1. bek en neus van een dier de snuit van een varken De hond rook met zijn natte snuit aan mijn broek.
2. gezicht een vrolijke snuit
Kernerman English Multilingual Dictionary © 2006-2013 K Dictionaries Ltd.